Schapenrassen

Drents heideschaap

Het Drents heideschaap is het oudste schapenras in West-Europa. Migranten brachten het ras waarschijnlijk vanuit Frankrijk mee naar Nederland, waar het al vanaf 4.000 voor Christus voorkomt, met name in Drenthe.

Kenmerken van het Drents heideschaap zijn een ranke bouw, een lange wollige staart die tot voorbij de hakken kan reiken, stugge en wat sluike wol, doffe beharing op kop en poten en een rechte neus. Er zijn allerlei kleuren mogelijk, maar bonte zwart-witte dieren zijn niet erkend.

Het ras wordt verdeeld in het oude en het nieuwe type. Het nieuwe type is ontstaan uit kruisingen met het Schoonebeker heideschaap en heeft onder andere een krommere neus en kleinere hoorns. De meeste hedendaagse Drentse heideschapen zijn van het nieuwe type. Kuddes zijn onder andere te vinden in Nationaal Park Dwingelderveld met een schaapskooi buiten Ruinen en te Dwingeloo.

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Drents_heideschaap

Schoonebeeker

Het Schoonebeeker schaap is het grootste Nederlandse heideschaapras. De Schoonebeker heeft een uitgesproken sierlijk voorkomen, met haar lange hals en kop hoog opgericht. De relatief smalle kop is voorzien van een zeer typische ramsneus, een rondgebogen neusbeen, ook wel Romeinse neus geheten. Het ras is hoogbenig en het beenwerk is fijn, maar hard en droog als dat van een ree. De vacht is lang en harig met een groot volume. De romp is lang en sterk, met voldoende breedte en kracht in de voor- en achterhand. Typisch is de lange, bewolde staart die ten minste tot aan de hak reikt.

Bron en historie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Schoonebeker_heideschaap

Schaapskudde het Stroomdal wordt mede in stand gehouden door een bijdrage van de Provincie Drenthe en het gebiedsfonds Drentsche Aa.